Ga terug naar VERHALEN ROOI
Kies dan een andere bladzijde

 
  II
  III
  IV
  V
  VI
  VII
  VIII
  IX
  X
  XI
  XII
  XIII
  XIV

  XV
X
  XVI
  XVII
  XVIII

THUISBLADZIJDE
DE KRONIEK
GENERATIE I II III
GENERATIE IV
GENERATIE V
GENERATIE VI
GENERATIE VII
GENERATIE VIII
GENERATIE IX
GENERATIE X
GENERATIE XI
GENERATIE XII
DE VERHALEN
VERHALEN
          ST.OEDENRODE

VERHALEN LIEMPDE
DIVERSEN
(INHOUD, NAAM REGISTERS)

FAMILIE IN BEDRIJF
GASTENBOEK (E-MAIL)

 

 

In de nieuwe wijk Eerschot werd in 1962 Roois vijfde parochie opgericht. Landelijke bekendheid kreeg Sint-Oedenrode in 1966 toen bisschop Bekkers van het bisdom Den Bosch in zijn eigen geboorteplaats begraven werd vlak voor de Sint-Odakapel van prof. Grandpére Moliére uit 1934.

Uigave : VVV Sint-Odenrode                                     Tekst : Ad Koenen
Knoptoren

 

De oudste geschriften omtrent Sint-Oednerode hebben echter betrekking op het leven van de heilige Oda, dat rond 1150 door een Rooise kanunnik in het Latijn te boek werd gesteld. Rode werd een bekend pelgrimsoord en vandaar dat men de plaats Sint-Oden-Rode ging noemen. Vast staat ook, dat er een Graafschap Rode heeft bestaan. De Burcht der graven van Rode stond nabij de huidige Kerkstraat. Graaf Arnold van Rode is de waarschijnlijke stichter van de Odakerk, waaraan 9 kanunikken verbonden waren : het Sint-Odakapittel. De parochiekerk stond echter in het oostelijke deel van de “Vrijheid” te weten in Eerschot, aan Sint-Martinus toegewijd, waarvan de”Knoptoren” nog een overblijfsel is.
Ten gevolge van de tachtigjarige oorlog en de kerkvervolging die daarop volgde, trokken de rijke kanunniken naar de Zuidelijke Nederlanden. De twee kerken werden voor de katholieke eredienst gesloten, 150 jaar lang.

De Fransen brachten vrijheid, gelijkheid en broederschap en zo werd a.a. bepaald, dat de hervormden de Eerschotse Martinuskerk mochten behouden en dat de roomsen de kapittelkerk kregen toegewezen,die ze toen Martinus als patroon gaven. Sint-Oda raakte hiermee op het tweede plan.

De ontwikkeling van het dorp bleef tussen 1800 en 1950 achter bij de omliggend plaatsen. Nieuwe uitbreidingsplannen hebben het inwonertal daarna tot ruim 16.000 doen toenemen.Olland werd in 1865 een zelfstandige parochie. Nijnsel volgde in 1911 Boskant pas in 1955.

EEN DORP VOL HISTORIE                                              Tekst : Wim van Rooij        

Sint-Oedenrode, meestal kortweg Rooi genoemd, vierde in 1982 het feit, dat het 750 jaar geledenwas , dat Hertog Hendrik I van brabant de plaats vrijheids- of stadsrechten verleende (1232). De Rooienaren werden zich ervan bewust, dat hun dorp eigenlijk een stadje was, al had het dan geen muren en grachten. Stedelijke allures heeft het nooit gehad, maar toch Sint-Oedenrode nam in de Meierij een belangrjke plaats in, de eeuwen door. Hoofdplaats van Peelland mocht het zich noemen. Hier resideerde de kwartierschout van Peelland, een der vier kwartieren van de Meierij. Ze bewoonden een der talrijke adellijke huizen, zoals Dommelrode of Henkeshage. Andere slotjes waren Lochtenburg, Vreeburg, Pas Bogaerd, Emmaus en De Laar. Het is voorgekomen, dat de schepenbank van Rode bijna geheel uit edelen bestond.